Label voor wie niet in labels past

Sommige mensen passen niet in het klassieke hokje introvert of extravert.
Ze zijn sociaal vaardig, houden van diepgaande gesprekken, maar voelen zich zelden echt thuis in groepen. Ze hebben geen sterke drang om ‘erbij te horen’ — bij geen enkele specifieke groep — maar verlangen wél naar betekenisvolle verbindingen.
Herkenbaar? Misschien ben je een otrovert.

Ik ontdekte dit label pas recent – via een test van The Otherness Institute – en voelde meteen een diepe herkenning. Het gaf woorden aan iets wat ik al mijn hele leven ervaar: een sort of einzelganger’, sociaal sterk, maar niet gedreven of gestuurd door de dynamiek van de massa.

Van Jung tot ambivert (en omnivert)

De termen introvert en extravert gaan terug tot Carl Gustav Jung (1921), die ze gebruikte om te beschrijven waar je je energie vandaan haalt: door je naar binnen te keren (gedachten, gevoelens) of door je naar buiten te richten (contact, actie).

Later kwamen er nieuwe labels bij:

  • Ambivert:
    iemand die een balans vertoont tussen introverte en extraverte eigenschappen. Het is een en-en verhaal: soms meer introvert, soms meer extravert, afhankelijk van de context.
  • Omnivert:
    iemand die wisselende eigenschappen van zowel introverten als extraverten vertoont, maar zelden in een stabiele balans. Een omnivert kan het ene moment diep introvert zijn en zich volledig terugtrekken, en het andere moment opvallend extravert overkomen. Dit gedrag is sterk situatie- en stemmingsafhankelijk en kan voor anderen soms onvoorspelbaar lijken. Het is eerder een of-of insteek.

Maar zelfs met die extra varianten herkennen sommige mensen zich in geen van die labels écht.
En precies daar komt de term
otrovert in beeld.

Wat is een otrovert?

De term otrovert werd door psychiater Rami Kaminski geïntroduceerd. Hij combineerde otro (Spaans voor “ander”) en vert (van vertere, “keren”), wat wijst op een “andere draai” dan de klassieke binnen- of buitenkant.

Een otrovert:

  • … kan diep verbinden met één persoon, maar voelt zich in groepen eerder toeschouwer – alsof je, in je eigen bubbel, tussen de anderen door beweegt.
    …voelt zich comfortabel in stilte of met de inner circle (partner, hechte vrienden) en ervaart dat als veilig en voedend. In een menigte blijft die verbondenheid vaak uit — wat niet pijnlijk is, eerder een natuurlijk verschil.
    …denkt origineel en onafhankelijk, volgt zelden klakkeloos wat “iedereen weet”.
    …hecht aan eigen gewoontes en persoonlijke rituelen, en heeft weinig binding met opgelegde tradities of dogma’s.
    …werkt liever autonoom of leidend, dan als deeltje van een vaste structuur.
    …zoekt kwaliteit boven kwantiteit in vriendschappen en relaties.

Mijn (h)erkenning

Voor mij viel er veel op zijn plaats toen ik dit concept leerde kennen.
Het verklaart waarom ik me in kleine, intieme gesprekken (met de juiste personen!) volledig verbonden voel met die ander én de omgeving, terwijl ik me in groepsgebeurens eerder – figuurlijk – langs de rand beweeg als observator en mijn eigen plek bewaar.

Begrijp me niet verkeerd: ik voel me ook best goed in een groep. Alleen voelt het vaak alsof ik er in mijn eigen bubbel tussendoor beweeg. Voor de buitenwereld aanwezig en meedraaiend, maar innerlijk toch een beetje apart. Deelnemend, maar ook weer niet. Observerend.

Mijn tribe en mijn geliefde zijn er. Juist daardoor voelt het veilig om ook mijn eigen ruimte te hebben. Dat is geen gemis, maar eigenheid.

Ik merk bovendien dat, als het nodig is, ik resoluut een lijn trek en voor mezelf kies – los van wat verwacht wordt. Bij oppervlakkige of minder diepgaande contacten gaat dat vrij makkelijk en zonder wroeging. Maar bij mensen die me nabij staan is dat heel anders: daar kost het meer tijd, meer voelen, meer zorg. Omdat die kringen klein en kostbaar zijn, is loslaten niet vanzelfsprekend.

Rituelen maar zonder dogma

Ook dit herken ik in mijn leven en werk.
Ik voel me niet thuis in vaste protocollen of dogma’s, maar kies voor intuïtie, gronding en eigen betekenis. Dat past wonderlijk bij otrovert-zijn: het gaat niet om blind volgen, maar om een eigen pad zoeken, trouw aan je binnenwereld, en toch verbonden met jezelf en wie dicht bij je staat.
En wat ik bij CAT | Holistisch Lichaamswerk doe, sluit daar naadloos op aan: rituelen en lichaamswerk die geïnspireerd zijn door oude tradities, maar steeds vertaald naar iets eigens en gegrond in het hier en nu.

Waarom dit een eye-opener kan zijn

Veel mensen voelen zich “anders” omdat ze zich niet herkennen in de vakjes introvert of extravert. Het begrip otrovert kan herkenning en mildheid brengen. Het laat zien dat er niets mis is met jou, maar dat er eenvoudigweg méér manieren van zijn bestaan.
Het kan ook richting geven: hoe je omgaat met sociale situaties, hoe je je energie verdeelt, en hoe je gewoontes of rituelen vormgeeft die je ondersteunen.

Nieuwsgierig of jij ook een otrovert bent?
Doe de The Otherness Institute test en ontdek het zelf.

Voor mij is het niet zomaar een label, maar een bevestiging: dit ben ik.
En misschien helpt het jou net zo om je plek te vinden – niet in de groep, maar in je eigen waarheid.

Delen mag altijd...

No Comments

Post A Comment

Vertel het verder 🧡